De jeugd van tegenwoordig

Van "jullie begrijpen er niks van" naar "ik zeg maar niks meer"
Toen ik jong was, zat ik soms braaf te luisteren naar oudere mensen. En ik stond versteld, eerlijk gezegd. Hoe zij praatten over "de jeugd van tegenwoordig", met dat hoofdschudden, die zucht, die blik van: wat moet daarvan komen?
En ik dacht bij mezelf: zo goed doen jullie het ook niet, hoor. Jullie begrijpen er blijkbaar toch ook niet zoveel van.
Maar ik hield mijn mond. Want dat deed je niet. Dat was ongepast.
En nu?
Nu ben ik zelf die oudere. En ik vind het eigenlijk een beetje komisch. Want nu begrijp ik het pas heel goed. Niet omdat ik het ermee eens ben, hoor. Maar omdat het er gewoon bij hoort, zoals artrose en te vroeg opstaan.
Generatieconflicten zijn van alle tijden. Zolang er mensen zijn, kijkt de ene generatie naar de andere met een mengeling van onbegrip en stille ergernis.
Maar ik vind wel dat het deze keer aan mij is..
Dus ik kijk, ik luister, ik observeer en ik zucht. Wel in mezelf, want hardop doe ik het niet. Ik ben wijs geworden. Of op zijn minst toch moe. Een van de twee.
Die jeugd van tegenwoordig met hun sociale media. Hun manier van communiceren. Hun rechten. Hun oordelen over hoe ze zijn grootgebracht. Over welke schade ze hebben opgelopen. Hun gekwetste kind. Het toxische gedrag van anderen.
Het is echt te veel om op te noemen.
Maar ik bijt op mijn tong en zeg niks. Want ik ken het spelletje nu. Dat hoort er nu eenmaal bij. Ik noem het de arrogantie van de jonge volwassene.
Tussen haakjes, dat was mij ook niet vreemd. Want ik had die arrogante visie ook, hoor. Laat ons even eerlijk zijn.
Die rotsvaste overtuiging dat jij het beter gaat doen. Dat jouw kinderen niet zullen lijden onder de kortzichtige opvoeding die de vorige generatie hen gaf.
Maar deze huidige generatie wordt daarin wel eens extra ondersteund ook. Therapeuten, boeken, opvoedingsstijlen, pedagogische visies die om de drie jaar volledig worden omgegooid.
Ze hebben alles mee. Ze zijn voorbereid. Ze hebben een plan. En geloof me, ze gaan het doen ook.
Ze gaan supermensen kweken. Kinderen die voor de allereerste keer in de hele geschiedenis van de mensheid eindelijk eens écht zichzelf mogen zijn. Die rusten. Die gelukkig zijn. Die geen rekening hoeven te houden met anderen.
Proficiat alvast.
En wij, de oudere generatie, wij zwijgen maar braafkes.
Ook al houden we onze gedachten voor onszelf en bewaren we vanbuiten een vriendelijk, geduldig pokerface. Want wij weten wat er gaat komen.
Ook hun kinderen en onze kleinkinderen zullen ooit staan waar zij nu staan. Ook zij zullen ontdekken dat overtuigingen die ooit zo zeker leken, in de loop van het leven kunnen veranderen.
Ook zij zullen zich afvragen of ze het allemaal wel juist hebben gedaan.
En in het beste geval zullen ook zij op hun tong leren bijten en in zichzelf zuchten.
En ergens, op een wolk of in een rusthuis, gaan wij heel zachtjes knikken. Zie je wel.
Maar misschien is dat zelfs niet het belangrijkste.
Misschien zullen hun kinderen later niet zeggen dat hun ouders het allemaal verkeerd hebben gedaan.
Misschien zullen ze gewoon ontdekken dat hun ouders mensen waren. Net zoals wij mensen waren. Met goede bedoelingen, blinde vlekken, verkeerde inschattingen, liefde, angst en vooral veel meer onzekerheid dan we toen konden toegeven.
En misschien, heel misschien, zullen ónze kinderen later zelf aan hún kinderen vertellen over "de jeugd van tegenwoordig".
En dan zullen hún kinderen met hun ogen rollen en denken: daar gaan we weer.
Misschien zullen ze zelfs denken: die oudjes hebben toch wel een beetje gelijk.
Niet omdat onze generatie alles wist. En ook niet omdat hún ouders alles juist hebben gedaan. Maar omdat iedere generatie pas met de jaren ontdekt dat opvoeden, leven en mens zijn nu eenmaal geen exacte wetenschap zijn.
En dan komt er misschien een dag waarop onze kinderen zelf zuchten over hun eigen kinderen en denken: verdorie, die oudjes van vroeger hadden toch een beetje gelijk.
Waarop wij, ergens op onze wolk, tevreden zitten te knikken.
Niet te uitbundig natuurlijk. We willen hen niet het gevoel geven dat we daarop zaten te wachten.
Al zullen we waarschijnlijk eerst nog even moeten wachten tot ze zelf volwassen kinderen hebben.
Want blijkbaar leer je sommige dingen pas echt wanneer je zelf begint te zuchten over "de jeugd van tegenwoordig"
